Werk betaalt meer terwijl hervormingen blijven liggen

The Floris, belastingbriefing week 38
De begroting is ingediend, maar veel bedragen staan nog niet vast. Juist de combinatie van hogere lasten en uitgestelde keuzes bepaalt deze belastingweek.

The Floris belastingbriefing week 38: Werk betaalt meer terwijl hervormingen blijven liggen

Deze week in het kort

  • Vrijwel de hele lastenverzwaring van 2027 komt terecht bij arbeid.
  • Box 3 blijft voorlopig zoals het is. Vier routes liggen open en elke route kost de schatkist veel geld.
  • Binnenlandse elektronische facturen worden vanaf juli 2030 verplicht voor ondernemers.
  • De Zelfstandigenwet moet zzp’ers en opdrachtgevers vanaf 2028 vooraf meer zekerheid geven.
  • Drie rechtbanken blijven dwangsommen opleggen als toeslagenouders te lang op een besluit wachten.

Werk draagt vrijwel de hele lastenverzwaring

Het Belastingplan 2027 ligt sinds 15 september bij de Tweede Kamer. De belastinginkomsten en werknemerspremies stijgen volgend jaar samen met 6,9 miljard euro. Volgens de Raad van State komt 97 procent van de lastenverzwaring terecht bij arbeid. Dat raakt werknemers direct via de inkomstenbelasting en indirect via hogere werkgeverspremies, die ten koste kunnen gaan van de ruimte voor loonstijging.

De tarieven in de eerste twee belastingschijven stijgen van 35,75 naar 36,23 procent en van 37,56 naar 38,16 procent. Belastinggrenzen en kortingen worden bovendien slechts voor 48 procent aangepast aan de inflatie. Daardoor valt een groter deel van een stijgend loon onder een hoger tarief. De grens voor het hoogste tarief blijft staan op 78.426 euro. Daar staat een hogere maximale arbeidskorting tegenover, van 5.685 naar 5.929 euro.

Onder de streep levert alleen box 1, de belasting op werk en de eigen woning, in 2027 ongeveer 4 miljard euro extra op. Over de langere termijn verschillen de bronnen: de ene noemt 7 miljard euro in 2030, de andere bijna 8 miljard euro per jaar. Ook de hogere premie voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds brengt 1,5 miljard euro op. Volgens het Centraal Planbureau komt driekwart daarvan uiteindelijk bij werknemers terecht via minder loonruimte.

Het koopkrachtpakket van 1,5 miljard euro verzacht een deel van de pijn. De helft wordt betaald door een verdere verhoging van de inkomstenbelasting voor mensen die meer dan anderhalf keer modaal verdienen. Het Centraal Planbureau verwacht voor het doorsnee huishouden in 2027 een koopkrachtdaling van 0,1 procent. Rabobank komt door hogere verwachte energieprijzen uit op 0,7 procent. Voor één verzekerde wordt het concreter: vergelijkingssite Independer verwacht dat de basispremie 150 euro stijgt naar 2.029 euro per jaar.

Elders in het pakket worden keuzes juist verzacht of uitgesteld. De accijnskorting op benzine en diesel kost volgend jaar 1,4 miljard euro. De maximale onbelaste kilometervergoeding is met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 verhoogd van 23 naar 25 cent, al hoeft een werkgever die verhoging niet te betalen. Voor beginnende ondernemers zakt de startersaftrek in 2027 van 2.123 euro naar 10 euro. Tegelijk stijgt de aftrek voor energiebesparende bedrijfsinvesteringen van 40 naar 45,5 procent.

De begrotingsruimte wordt ondertussen krapper. De rentelasten van de overheid lopen volgens de raming op van ongeveer 10 miljard euro dit jaar naar ruim 18 miljard euro in 2031. Het kabinet verwacht dus meer inkomsten, terwijl een groeiend deel daarvan al opgaat aan rente.

Box 3 blijft hangen tussen vier dure routes

Het kabinet vraagt de Eerste Kamer om de behandeling van de nieuwe box 3-wet voorlopig stil te zetten. Box 3 is de belasting op spaargeld, beleggingen en ander vermogen. Sinds uitspraken van de Hoge Raad mogen mensen aantonen dat hun echte opbrengst lager was dan de opbrengst waarmee de Belastingdienst rekent. Dat tijdelijke systeem kost de schatkist ieder jaar geld en vraagt veel van de uitvoering.

Er liggen nu vier routes. Het huidige wetsvoorstel kan worden aangepast, bijvoorbeeld met betere verliesverrekening. Het kan ook in 2028 ingaan als tussenstap naar een belasting waarbij waardestijging pas bij verkoop wordt belast. Een derde mogelijkheid houdt het huidige systeem tot 2030 in stand. Die route geeft volgens het kabinet de hoogste totale derving. De vierde route belast vanaf 2028 al aandelen, obligaties en opties pas bij verkoop. Daarmee zou ongeveer 90 procent van het box 3-vermogen met waardeontwikkeling onder dat systeem vallen.

Die snelle route botst met de uitvoering. Banken hebben gezegd dat zij in het eerste jaar geen gegevens kunnen leveren waarmee de Belastingdienst de aangiften goed kan controleren. Ook moet iedere variant financieel worden gedekt. Media melden dat het kabinet in het voorjaar een besluit wil nemen. In de formele brief blijft 1 januari 2028 voorlopig het uitgangspunt, zonder definitieve keuze. Voor spaarders, beleggers en verhuurders verandert er dus deze week niets aan de belasting, wel aan de zekerheid over wat daarna komt.

Elektronische facturen worden de norm

Ondernemers moeten vanaf 1 juli 2030 elektronische facturen gebruiken voor transacties met andere ondernemers in Nederland. Een jaar later moeten zij een selectie van de factuurgegevens digitaal doorgeven aan de Belastingdienst. Voor handel tussen bedrijven in verschillende EU-landen gelden vanaf 2030 al Europese verplichtingen. Het kabinet wil voor binnenlandse facturen zoveel mogelijk dezelfde standaarden en termijnen gebruiken.

Ook kleine ondernemers vallen er in beginsel onder. Er komt geen aparte drempel voor micro-ondernemers, al wil het kabinet bestaande uitzonderingen waar mogelijk behouden. Volgens analyses die in de kabinetsbrief worden aangehaald, kan elektronische verwerking per factuur 55 tot 70 procent goedkoper zijn dan verwerking op papier.

Daar staat opslag van bedrijfsgevoelige gegevens tegenover. Het kabinet denkt aan een bewaartermijn van tien jaar en wil toegang beperken en registreren. De techniek voor de uitwisseling wordt nog onderzocht. De internetconsultatie moet dit najaar beginnen, waarna het wetsvoorstel voor het zomerreces van 2027 naar het parlement moet.

Nieuwe toetsen moeten zzp-werk vooraf duidelijker maken

De Zelfstandigenwet moet vanaf 1 januari 2028 een veilige route bieden voor zzp’ers en hun opdrachtgevers. Wie aan de voorwaarden voldoet, krijgt vooraf meer zekerheid dat de opdracht als zelfstandig werk geldt. Dat is belangrijk sinds de Belastingdienst de controle op schijnzelfstandigheid weer heeft opgepakt en sommige opdrachtgevers daardoor terughoudender zijn geworden.

Het voorstel werkt met twee toetsen. De eerste kijkt naar de zelfstandige zelf, zoals ondernemersrisico en de mogelijkheid daarvan te profiteren. De tweede kijkt naar de opdracht: hoeveel vrijheid heeft iemand om het werk zelf te organiseren en ontbreekt de aansturing die bij een werknemer hoort. Wie buiten deze veilige route valt, blijft onder de huidige, minder scherpe beoordeling vallen.

Eind september beginnen een tweede internetconsultatie en onderzoeken naar de uitvoerbaarheid. De behandeling in beide Kamers staat voor 2027 gepland. De wet verandert volgens het kabinet niets aan de bestaande bescherming van werknemers.

Rechtbanken houden druk op het toeslagenherstel

Rechtbank Amsterdam blijft dwangsommen opleggen wanneer toeslagenouders te lang wachten op een besluit over hun werkelijke schade. Daarmee sluit Amsterdam zich aan bij de rechtbanken Midden-Nederland en Gelderland, terwijl de Raad van State op 3 juni juist besloot tijdelijk geen dwangsommen op te leggen omdat het herstelproces was vastgelopen.

Amsterdam ziet vooral een capaciteitsprobleem bij de Dienst Toeslagen en vindt dat ouders daarvan niet de rekening mogen krijgen. Na de wettelijke beslistermijn van 52 weken geeft de rechtbank nog 66 weken. Daarna geldt 100 euro per dag, tot maximaal 15.000 euro. Op 16 september behandelde de Raad van State het hoger beroep over deze botsende lijnen; de uitkomst staat niet in het aangeleverde materiaal.

Oud vastgoedverlies verdwijnt bij een aandelenverkoop niet uit beeld

Een bv verkocht haar aandelen terwijl dertien kantoren en een bedrijfshal op papier al minder waard waren dan in de boeken. Pas later boekte zij bij drie panden een verlies van ongeveer 4,3 miljoen euro. De Hoge Raad oordeelt dat ook zo’n al aanwezig, nog niet geboekt verlies onder de beperking van verliesverrekening kan vallen. Een aandelenwissel maakt het dus niet mogelijk dat oude waardedalingen onbeperkt worden verrekend met winsten voor de nieuwe aandeelhouders.


Bronnen

De briefing van deze week is gebaseerd op de volgende berichten.


Over deze briefing

De belastingbriefing is een wekelijkse uitgave van Stichting The Floris, een onafhankelijke groep belastingprofessionals die het publieke debat over belastingen preciezer en begrijpelijker wil maken. De briefing beschrijft wat er in Den Haag en in de rechtspraak speelt en legt uit waarom het ertoe doet. De briefing is geen fiscaal advies. Meer over Stichting The Floris.

Meld je aan

En ontvang de Belastingbriefing iedere week in je mail.

Meld je aan

Voor de wekelijkse Belastingbriefing

En je bent elke week binnen 10 minuten bij met het belangrijkste belastingnieuws

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *