Fiscalist Heleen Elbert is de autoriteit op het gebied van autobelastingen in Nederland. In deze aflevering van de The Floris-podcast ‘Belastingen getaxeerd’ neemt ze samen met vaste hosts Pim Perquin en Ineke Koele het fiscale landschap rond de auto onder de loep. Wat volgt, is een verhaal over onderschatte risico’s, symboolpolitiek en wetgeving die de belastingmoraal ondermijnt.

Beluister nu deze aflevering van The Floris-podcast
Weinig onderwerpen roepen zoveel emotie op als de auto. De heilige koe voor de berijder, de melkkoe voor de overheid. „Het voelt heel persoonlijk,” zegt Heleen Elbert. „Je eigen auto.”
Wat veel mensen niet weten, is dat die auto fiscaal gezien ook gevaarlijk terrein is. De vangrails ontbreken in het fiscale recht, zou je kunnen zeggen. Als je even niet oplet, gaat het helemaal fout. Je wordt niet gewaarschuwd voor onbekende bochten of gaten in de weg en de consequenties kunnen verstrekkend zijn. Er is geen barmhartigheid ook.
De totale opbrengst van alle autobelastingen bij elkaar bedraagt circa 20 miljard euro per jaar. Ter vergelijking: de hypotheekrenteaftrek, waar politiek en media jarenlang over kletsen, gaat over 11 miljard per jaar. Maar over autobelastingen? Nauwelijks debat. Terwijl juist op het terrein van autobelastingen blijkt hoe snel belastingheffing zich kan verwijderen van uitlegbaarheid en voorspelbaarheid. Daarmee is het een rechtsstatelijk brisant dossier.
De BPM: de gevaarlijkste belasting die vrijwel niemand kent
De bekendste autobelasting is de bijtelling. Maar de gevaarlijkste is de BPM — de registratiebelasting die je betaalt op het moment dat een auto in Nederland op de weg komt. Aanslagen van dertig-, veertig- of vijftigduizend euro per auto zijn geen uitzondering. En wie onvoorzichtig is, kan daar ook nog eens een boete van honderd procent overheen krijgen.
Het verontrustende is hoe makkelijk het misgaat. Neem het geval van de vervangende auto in het buitenland. Stel: je rijdt met autopech in Duitsland. Je krijgt een vervangende auto van de garage en rijdt daarmee even door Nederland. Op dat moment heb je, juridisch gezien, een buitenlandse auto geïmporteerd. De vereisten zijn simpel: je bent inwoner van Nederland, je bevindt je op de Nederlandse weg, en je bestuurt een buitenlands voertuig. Of die auto van jou is? Niet relevant. Of je hem gehuurd hebt? Ook niet. „Als je aangehouden wordt, heb je een dik probleem,” zegt Elbert.
Nog een voorbeeld: een bestelauto heeft fiscaal andere eisen dan een personenauto. Iemand die in zijn bestelauto — die netjes op het kenteken als zodanig geregistreerd staat — een klein luikje maakt voor wat frisse lucht, heeft de auto in de ogen van de Belastingdienst omgebouwd naar een personenauto. De fiscale vrijstelling die geldt voor bestelauto’s vervalt dan alsnog. De rekening: dertigduizend euro, inclusief boete. „Dat zijn gevallen uit mijn praktijk,” bevestigt Elbert. En het komt beslist veel voor.
Wat autobelastingen verder onderscheidt van bijna alle andere belastingen, is de boetecultuur. Waar in het reguliere belastingrecht boetes van vijfentwintig of vijftig procent normaal zijn, geldt bij de BPM standaard honderd procent. Geen redelijkheid en billijkheid. Geen boetebesluit. „Het is gewoon: bam, heffen,” zegt Elbert. „Het is anti-misbruik. En allerlei nuanceringen en gradaties die gelden in het normale boeterecht bestaan hier eigenlijk niet.”
De bijtelling: hetzelfde betalen of je nu 501 of 50.000 kilometer rijdt

De bijtelling kennen de meeste Nederlanders wel. Wie een auto van de zaak ook privé gebruikt, betaalt belasting over een forfaitair bedrag — een vast percentage van de cataloguswaarde. De gedachte erachter is begrijpelijk: loon in natura moet worden belast, en het werkelijke privégebruik per werknemer berekenen is ondoenlijk. Dus plakt de wetgever er een forfait op, zoals bij box 3 ook ooit de bedoeling was.
Maar ook hier schuurt het. De regeling kent een harde grens van vijfhonderd privékilometer per jaar. Rijd je er minder, dan betaal je niks. Kom je ook maar één kilometer boven die grens — dan betaal je de volledige bijtelling, ongeacht of je er vijfhonderdeneen of vijftigduizend kilometer privé mee rijdt. Hetzelfde bedrag. „Het is een alles-of-niksregeling,” concludeert Perquin. Elbert pleit al jaren voor een getrapte bijtelling, waarbij je betaalt naar rato van gebruik. Eerlijker? Zeker. Maar ook ingewikkelder. „En dat is altijd zo,” reageert Koele. „Als het eerlijker wordt, wordt het ook ingewikkelder.”
De bewijslast voor dat vijfhonderd-kilometercriterium ligt volledig bij de rijder. Een sluitende rittenadministratie bijhouden is arbeidsintensief en wordt door velen onderschat. En de verantwoordelijkheid voor de juiste afdracht van loonbelasting rust in eerste instantie niet op de werknemer, maar op de werkgever. Die draait er voor op als het misgaat, en mag het dan verhalen op de werknemer — als dat lukt.
De youngtimer: 200.000 mensen van het ene op het andere moment verrast
Een van de meest in het oog springende voorbeelden van onvoorspelbaar autobelastingbeleid is het lot van de zogeheten youngtimer-regeling. Elbert legt uit wat het inhoudt: rijdt een werkgever of ZZP’er in een auto die vijftien jaar of ouder is, dan wordt de bijtelling niet berekend over de oorspronkelijke cataloguswaarde — maar over de huidige economische waarde. Die ligt bij een auto van die leeftijd doorgaans een stuk lager. Daarmee kan het rijden in een oudere auto van de zaak relatief voordelig zijn.
Tweehonderdduizend mensen maken gebruik van deze regeling. Dat is niet niks. Maar via het zogeheten motiecircus — de reeks amendementen en moties die elk jaar rondom het Belastingplan door de Tweede Kamer worden gestuurd — werd de regeling plotsklaps drastisch ingeperkt. Niet via zorgvuldig wetgevingsproces, maar haastig, op het laatste moment, bij wijze van een uitruil tegen een andere maatregel. De leeftijdsgrens werd verschoven van vijftien naar vijfentwintig jaar. In werkingtreding in 2026 met een overgangstermijn van een jaar tot 2027.
„Je kunt toch als ondernemer hier niet op bouwen,” zegt Elbert. Handelaren in youngtimers zagen hun voorraad in waarde kelderen. Ondernemers die jarenlang op de regeling hadden gerekend, stonden opeens met lege handen. Nadat 27 november bij de behandeling van het Belastingplan de youngtimer regeling overhoop is gehaald, is men geschrokken van de consequenties van deze doldrieste actie en is door veroorzakers CDA en CU in maart 2026 opnieuw een motie ingediend om de regeling veel langzamer uit te faseren, welke is aangenomen. Terwijl inmiddels alweer een heel aantal mensen hun youngtimer hebben verkocht of mogelijk zelfs hebben ingeruild voor een auto van 25 jaar oud. Dan wordt je als overheid terecht als onbetrouwbaar gekwalificeerd.
Klimaatdoelen als kapstok
Autobelastingen zijn de afgelopen jaren steeds vaker verpakt als klimaatinstrument. Elektrische auto’s genieten een gunstige bijtelling, en nu dreigt er bovenop de reguliere bijtelling voor de werknemer ook een extra heffing van twaalf procent per jaar voor werkgevers die een niet-elektrische auto ter beschikking stellen. Elbert noemt het een strafheffing.
Maar is het beleid ook echt milieuvriendelijk? Elbert is sceptisch. „Ik vind het een doelredenering. Als je een auto vergelijkt van de productie tot de sloop — cradle to cradle — dan is het alleen werkelijk milieuvriendelijk als je hem puur op groene stroom rijdt.” De vraag of een nieuwe elektrische auto beter is dan een bestaande die je gewoon oprijdt, wordt zelden gesteld. „Ik zie het als een debatstopper. Als het duurzaamheid is, dan kan je er toch niet tegen zijn. Maar het wordt niet geverifieerd. Het wordt gewoon gesteld, aldus Koele.”
Daarbij valt op hoe budgetneutraliteit de discussie kleurt: als de ene autobelasting omlaag gaat — door lagere bijtelling voor elektrisch of minder accijnsopbrengst — moet de andere omhoog. De youngtimer-regeling verdween, de werkgeversheffing verschijnt.
De indruk bestaat dat het klimaatargument vooral dient om ‘onder de motorkap’ budgettaire of politieke keuzes acceptabeler te maken. Dat is democratisch allerminst onschuldig. Vertrouw in belastingheffing berust niet alleen op afdwingbaarheid (de ‘machtspositie’ van de overheid), maar op de overtuiging dat de overheid redelijk handelt en haar keuzes serieus kan verantwoorden.
Europa: ieder land zijn eigen chaos
Wie de grens over rijdt, stuit op een ander probleem: de volstrekte kakofonie aan tolheffingen en vignetregelingen in Europa. Vroeger stond je bij iedere grens stil om geld te wisselen. Nu moet je uitvissen welk vignet je nodig hebt, of je munten in een slagboom moet gooien, je online moet inschrijven, of een kaartje tegen een scanner moet houden. Elbert spreekt van een „complete puinhoop” die niet geharmoniseerd is en alleen maar ingewikkelder wordt — juist ook voor vrachtwagenchauffeurs die dagelijks door meerdere landen rijden.
Democratie en belastingmoraal
Terug naar de kern. Want aan het einde van dit alles ligt een principiëlere vraag: wat doet dit met het vertrouwen van burgers in de overheid?
„Dit is echt niet goed voor onze democratische grondbeginselen,” zegt Elbert. En Perquin vult aan: „Die ongrijpbaarheid voor de gemiddelde burger voedt het gevoel dat het een echte melkkoe is.”
Belasting betalen vraagt om vertrouwen. Vertrouwen dat de spelregels fair zijn, dat ze kloppen, dat ze stabiel zijn. Autobelastingen ondermijnen dat vertrouwen op meerdere fronten tegelijk: boetes die niet proportioneel zijn, forfaits die niet kloppen met de werkelijkheid, regelingen die van het ene op het andere moment worden omgegooid, en klimaatmotiveringen die als spin worden gebruikt maar niet worden onderbouwd.
„Ik word er niet vrolijk van,” zegt Elbert. „Als mens niet.”
Het is precies het soort onderwerp waar The Floris voor bestaat: niet schreeuwen, maar analyseren. Begrijpen hoe het zit. En hardop zeggen wat er knelt — met open vizier.
Beluister nu de volledige The Floris-podcastaflevering met Heleen Elbert
The Floris Podcast gemist?
Aflevering 1 over de Bedrijfsopvolgingsregeling gemist? klik hier.
Aflevering 2 over Opmerkelijke Belastingconstructies gemist? klik hier
Aflevering 3 over Belastingen en ultrarijke mensen gemist? klik hier
Aflevering 4 over Het fiscale evenwicht met gast Jeroen Peters gemist? klik hier.
Aflevering 5 over Bubbele belastingheffing voor artiesten en sporters met gast Dick Molenaar gemist? klik hier
Aflevering 6 over De fiscale aardverschuiving van Femke Groothuis’ Ex’tax Project gemist? klik hier
Aflevering 7 over Een nieuwe Apple & Starbucks Tax in Europa? Met Rutger Hafkenscheid gemist? Klik hier
Aflevering 8 over de Belastingdienst in dialoog met grote ondernemingen met gast Hans Rijsbergen gemist? Klik hier.
Aflevering 9: deel 1 van de van de tweeluik over Box 3 Belasting op fictie als systeemfout gemist? Klik hier.
Aflevering 10: deel 2 van de tweeluik over Box 3 Belasting op fictie als systeemfout gemist? Klik hier
Aflevering 11: over ‘Hoe de Nederlandse fiscus ondernemers ontmoedigt om goed te doen’ gemist? Klik hier.
Aflevering 12: over ‘Pim Perquins ervaringen als ambtenaar van de Belastingdienst” gemist? Klik hier
Aflevering 13: over Verkiezingsretoriek versus realiteit: de waarheid over de hypotheekrenteaftrek gemist? Klik hier
Aflevering 14: “De moderne fiscalist is meer dan een belastingexpert” gemist? Klik hier.
Aflevering 15: over “Waarom eenvoud in het belastingstelsel een illusie is” gemist? Klik hier.