
De regels zijn al honderd jaar hetzelfde. Toch zorgt schijnzelfstandigheid voor massale onrust in zorg, onderwijs en bouw. Wat is er nu écht veranderd? Pim Perquin en Ineke Koele gingen opnieuw in gesprek met fiscalist Heleen Elbert (beluister & bekijk ook de podcast over autobelastingen) en kwamen tot een verrassend nuchtere conclusie.
Beluister & bekijk nu deze podcastaflevering #17 met Heleen Elbert: klik hier
Het woord ‘schijnzelfstandigheid’ leidt de laatste jaren tot paniek bij opdrachtgevers en zzp’ers. Grote organisaties sturen zelfstandigen weg, zorgprofessionals trekken naar detacheerders en politici presenteren plannen voor nieuwe wetten. Maar klopt dat beeld van een systeem in crisis? Fiscalist Heleen Elbert nuanceert flink.
“Er is eigenlijk niks gewijzigd,” zegt ze. “In de regels zelf is niks veranderd.”
Dat klinkt misschien verrassend. Want de discussie woedt al maanden. Maar de kern van het verhaal is simpel: het onderscheid tussen werknemer en zelfstandige bestaat al een eeuw, en de criteria om dat onderscheid te maken ook. Wat wél is veranderd: de Belastingdienst handhaaft weer.
De VAR: het vrijwaringsbewijs dat verdween
Om te begrijpen waar de paniek vandaan komt, is een kleine geschiedenisles nodig. Tot 2016 bestond de VAR: de Verklaring Arbeidsrelatie. Zzp’ers konden die aanvragen als bewijs dat ze échte ondernemers waren. Handig voor opdrachtgevers, want die waren daarmee gevrijwaard van loonbelastingclaims.
In 2016 schafte de wet DBA (Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties) de VAR af. Maar wat ervoor in de plaats kwam, was eigenlijk… niets. De wet DBA is één bladzijde en schrapt simpelweg de vrijwaring. Het criterium zélf – ben je werknemer of niet? – is nooit veranderd.
Erger nog: na 2016 handhaafde de Belastingdienst jarenlang nauwelijks. Er gold een ‘handhavingsmoratorium’. Elbert: “De belastingdienst stelde zich terughoudend op. Want het zou te veel chaos veroorzaken. Het zou te ontwrichtend werken dat plotseling massaal zzp’ers uit de zorg zouden stappen.”
Die terughoudendheid had een prijs. Per 1 januari 2025 is het moratorium voorbij en wordt er wél gecontroleerd. En dát is de oorzaak van alle commotie — niet een nieuwe wet, niet nieuwe criteria.
Grijs blijft grijs
Het eigenlijke onderscheid – ben je werknemer of zelfstandige? – draait al honderd jaar om drie vragen: is er sprake van gezag, arbeid en loon? Samen het zogenoemde GAL-criterium.
Maar hoe helder die criteria op papier klinken, in de praktijk is het allesbehalve zwart-wit. “Iedere situatie staat op zichzelf,” zegt Elbert. “Als je de tijd zou hebben, zou je op iedere aparte situatie moeten inzoomen om te kijken: is dit nou een dienstverband of zelfstandigheid? Je kunt niet een setje regels maken waarbij iedereen zeker weet of hij zelfstandig is of in dienstbetrekking.”
Die onzekerheid voedt indianenverhalen. Elbert: “Er bestaan veel misverstanden. Mensen zoeken houvast. Zoals: als ik maar twee opdrachtgevers heb, zit ik goed. Of: als ik een bord op mijn deur timmer met mijn naam. Of: als ik me inschrijf bij de Kamer van Koophandel. Maar dat houvast is er niet.”
Het echte risico: de ZZP’er die terugvecht
De gevolgen van de hernieuwde handhaving zijn al voelbaar. Opdrachtgevers sturen zelfstandigen weg, ook degenen van wie evident is dat ze échte ondernemers zijn. In sectoren als zorg, onderwijs en bouw, waar veel met zzp’ers wordt gewerkt, dreigt een personeelsprobleem.
Maar er is nog een risico dat minder aandacht krijgt: de zzp’er die achteraf stelt dat hij eigenlijk altijd werknemer was.
“Er zijn gevallen waarbij iemand zich als zzp’er opstelt, maar dan gebeurt er wat en dan roept diegene: eigenlijk ben ik toch in loondienst,” zegt Elbert. “En dan gaat hij procederen.”
Voor opdrachtgevers is dit een serieus risico. Niet alleen financieel – door mogelijke naheffingen voor loonbelasting en pensioenpremies – maar ook juridisch. De terugvorderingstermijn in het arbeidsrecht kan oplopen tot twintig jaar.
Nieuwe wetten: meer houvast, maar geen oplossing
De politiek probeert het probleem aan te pakken met twee wetsvoorstellen. De wet VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) introduceert onder meer een uurtarief-grens: wie minder dan circa 36 euro per uur verdient, krijgt een rechtsvermoeden van werknemerschap. De opdrachtgever moet dan bewijzen dat er géén sprake is van een dienstbetrekking.
De Zelfstandigenwet van Thierry Aartsen e.a. kiest een andere insteek: een lijst met concrete criteria waaraan een echte ondernemer moet voldoen, zoals een arbeidsongeschiktheidsverzekering en actieve acquisitie.
Beide wetten veranderen echter niets fundamenteels. “Ook met deze twee nieuwe wetten, als die ingevoerd zijn, blijft de basis van het onderscheid tussen werknemer en zelfstandige gewoon zoals die altijd was,” stelt Elbert.
Een reden om de wet VBAR snel in te voeren is overigens puur financieel van aard: Nederland heeft in het kader van een EU-herstelplan al 600 miljoen euro ontvangen, onder de belofte dat er wetgeving rondom schijnzelfstandigheid zou komen. Doen ze het niet, dan moet dat bedrag terug.
Leer er maar mee leven
De conclusie van Elbert, Perquin en Koele is nuchter: dit vraagstuk lost zichzelf niet op. Zolang zzp’ers en werknemers fiscaal en sociaalrechtelijk anders worden behandeld, blijft het aantrekkelijk om in het grijze gebied te opereren, voor beide partijen.
“Dit zal altijd wel een thema blijven,” zegt Elbert. “Zolang het niet allemaal gelijk is getrokken met verzekeringen, doorbetalen bij ziekte, weet ik veel wat.”
Maar de acute paniek? Die waait wel over. “De hectiek die er nu de laatste tijd is — die wordt wel weer minder,” aldus Elbert.
De praktische boodschap voor iedereen die nu worstelt met de vraag of een arbeidsrelatie door de beugel kan: kijk naar de feiten, niet naar de formulieren. En kijk in de spiegel. “Als je het zelf al niet gelooft,” zegt Elbert, “dan is dat al een teken.”

Beluister & bekijk nu de podcastaflevering over dit onderwerp: klik hier
The Floris Podcast gemist?
Aflevering 1 over de Bedrijfsopvolgingsregeling gemist? klik hier.
Aflevering 2 over Opmerkelijke Belastingconstructies gemist? klik hier
Aflevering 3 over Belastingen en ultrarijke mensen gemist? klik hier
Aflevering 4 over Het fiscale evenwicht met gast Jeroen Peters gemist? klik hier.
Aflevering 5 over Bubbele belastingheffing voor artiesten en sporters met gast Dick Molenaar gemist? klik hier
Aflevering 6 over De fiscale aardverschuiving van Femke Groothuis’ Ex’tax Project gemist? klik hier
Aflevering 7 over Een nieuwe Apple & Starbucks Tax in Europa? Met Rutger Hafkenscheid gemist? Klik hier
Aflevering 8 over de Belastingdienst in dialoog met grote ondernemingen met gast Hans Rijsbergen gemist? Klik hier.
Aflevering 9: deel 1 van de van de tweeluik over Box 3 Belasting op fictie als systeemfout gemist? Klik hier.
Aflevering 10: deel 2 van de tweeluik over Box 3 Belasting op fictie als systeemfout gemist? Klik hier
Aflevering 11: over ‘Hoe de Nederlandse fiscus ondernemers ontmoedigt om goed te doen’ gemist? Klik hier.
Aflevering 12: over ‘Pim Perquins ervaringen als ambtenaar van de Belastingdienst” gemist? Klik hier
Aflevering 13: over Verkiezingsretoriek versus realiteit: de waarheid over de hypotheekrenteaftrek gemist? Klik hier
Aflevering 14: “De moderne fiscalist is meer dan een belastingexpert” gemist? Klik hier.
Aflevering 15: over “Waarom eenvoud in het belastingstelsel een illusie is” gemist? Klik hier.
Aflevering 16: over “Autobelastingen laten zien hoe kwetsbaar fiscaal vertrouwen is” gemist? Klik hier.